MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 23e zondag in jaar A. Mat. 18, 15-20. Het principe van subsidiariteit.

6 september 2020

We leven in een tijd en cultuur die bol staat van de zogenaamde radicale tolerantie. Niemand mag jou een bepaalde norm of waarde opleggen. Je moet kunnen zeggen wat je wilt, je moet dit ook kunnen uiten zoals je dat wilt. Niemand mag jou een bepaalde norm opleggen. Ieder mens moet getolereerd worden zoals hij of zij is. Wie ben jij om te zeggen dat iets niet mag? En als je al iets zegt over iemands gedrag of hoe hij of zij eruit ziet, dan moet je voorzichtig zijn, want je kunt zomaar een klap krijgen! Nee, we moeten tolerant zijn en anderen niets in de weg leggen en vooral niet over anderen oordelen.

Een snelle blik op het evangelie lijkt deze opvatting te rechtvaardigen. Jezus zegt immers: “Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt” (Mat. 7, 1). Mij wordt vaak gezegd dat de Kerk niet zo moeten terecht wijzen. Immers, als er iemand tolerant was, dan is het Jezus wel. Hij gaat aan tafel met ieder mens, tot aan zondaars en tollenaars toe. Als we zijn voorbeeld willen navolgen, moeten we dus radicaal tolerant zijn. Het is de vraag of Jezus werkelijk zo tolerant is. Het evangelie geeft legio voorbeelden waar Hij anderen terecht wijst. Vooral de Farizeeën en Schriftgeleerden hebben het regelmatig te verduren. Jezus noemt hen huichelaars en hypocriet (Luc. 11). Hier is Jezus niet bepaald een tolerant type! Waar sta je als christen als het gaat om tolerantie? Mag je iemand terecht wijzen?

De tweede lezing geeft een mooie interpretatie-sleutel. Paulus zegt daarin: “Liefde vervult de gehele Wet” (Rom. 13, 10). Je kunt de Wet samenvatten als een gebod tot liefhebben (van God, je naaste en jezelf). Liefde is het goede willen vóór de ander, omwille ván die ander. Daarom kan blinde tolerantie, totale onverschilligheid, het alles maar goed vinden, overal lak aan hebben, nooit echte liefde zijn. Ben je goed voor een ander als je alles tolereert, ongeacht wat die ander doet of zegt? Als je een goede vriend ziet afglijden in een verslaving of dingen ziet doen of hoort zeggen die ronduit kwetsend zijn voor hem of haar of voor een ander, en het kan je niks schelen, heb je die vriend dan lief? Alleen al omdat het je vriend is probeer je hem of haar op het goede pad te krijgen. Liefde, het goede willen voor een ander, vraagt soms om een oordeel, een correctie, om ingrijpen of terechtwijzen. Als je het goede wilt voor de ander, kun je niet zomaar alles goedvinden. Liefde is tolerant, maar tolerantie heeft, om het bestwil van de ander, zijn grenzen.

Het evangelie van vandaag geeft ons concrete aanwijzingen hoe je dat in de praktijk kunt brengen. Het toont ons het principe van subsidiariteit, een belangrijk principe in de katholieke sociale leer. Wat houdt dat principe in? Stel, je hebt met iemand ruzie. Om het bij te leggen zegt het subsidiariteitsprincipe dat je op het kleinste niveau moet beginnen. Dat is 1-op-1 in gesprek met degene waarmee je ruzie hebt. “Als je broeder gezondigd heeft, wijs hem dan onder vier ogen terecht”, zegt Jezus (Mat. 18, 15). Als dat niet lukt, als je er samen niet uitkomt, dan ga je naar een volgend niveau en vraag je een vriend of collega of je ouders om hulp. Als dat ook niet lukt, ga je weer een niveau omhoog en leg je het voor aan je team of de klas of je bespreekt het in je gezin, enzovoort. Hoe dit werkt zie je heel mooi in het televisieprogramma “De Rijdende Rechter”. Twee buren hebben ruzie om iets onbenulligs, zoals een boom die bij de ander overhangt. De presentatrice probeert eerst de twee buren met elkaar in gesprek te krijgen. Meestal is dat geen succes (anders zou het programma al meteen zijn afgelopen). Dan volgt er een hoorzitting, waar andere buren, vrienden, kennissen, iemand van het kadaster, enzovoort, om hulp en om inzicht worden gevraagd. Als die ook niet kunnen helpen om de ruzie bij te leggen, dan wordt het aan de rechter voorgelegd en hij beslist in de zaak. Ook hier een mooi voorbeeld van het subsidiariteitsprincipe in precies dezelfde volgorde die Jezus aangeeft in het evangelie.

Waar het subsidiariteitsprincipe (helaas) niet werkt is social media. Daar wordt de tegenovergestelde, en dus verkeerde route afgelegd. Iemand die een misstap begaat, wordt meteen voor de hele wereld aan de schandpaal gezet. Elke nuance gaat verloren. Is dit het goede willen voor de ander? In het geheel niet! Oprechte liefde gaat altijd zorgvuldig te werk. Laten we dat als een spiegel aan onszelf voorhouden. Hoe zorgvuldig ga ik als christen te werk in wat ik doe en zeg? Heb ik een kort lontje? Of kan ik het geduld opbrengen? Laat ik mijzelf opjagen door de waan van de dag of de druk van de groep, of denk ik eerst goed na over wat ik doe en zeg? Is mijn tolerantie grenzeloos en vind ik alles maar best (“zolang ik er maar geen last van heb!”) of durf ik de ander onder vier ogen voorzichtig, liefdevol en broederlijk te vermanen? En als de situatie is omgekeerd, als ik door een ander wordt aangesproken, laat ik mij dan ook aanspreken? “De liefde berokkend de naaste geen enkel kwaad”, zegt Paulus (Rom. 13, 10). Weet dat er in de hemel meer vreugde is om één zondaar die zich bekeert, dan om negenennegentig rechtvaardigen die geen bekering nodig hebben (Luc. 15, 7). Moge God ons in onze liefdevolle, broederlijke omgang met elkaar zegenen. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek 30e zondag in het jaar A. Mat. 22, 34-40. Liefhebben wie God liefheeft.
25 oktober 2020
Preek 29e zondag in jaar A. Mat. 22, 15-21. Geef God wat God toekomt.
18 oktober 2020
Preek 27e zondag in jaar A. Mat. 21, 33-43. De vruchten van de wijngaard.
5 oktober 2020
Preek 26e zondag in jaar A. Mat. 21, 28-32. Wat je ook zegt, het gaat om wat je doet.
27 september 2020
Preek 25e zondag in jaar A. Mat. 20, 1-16. De werkers in de wijngaard.
20 september 2020
Preek 22e zondag in jaar A. Mat. 16, 21-27. De wereld infiltreren met Gods liefde.
30 augustus 2020
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen