MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 14e zondag door het jaar. Luc. 10, 1-20. Twee en zeventig leerlingen.

8 juli 2022

Jezus zendt tweeënzeventig leerlingen. Waarom tweeënzeventig? Had Lucas ze geteld? Kende hij ze? Hij kon toch ook ‘tientallen’ noemen, of ‘ongeveer zeventig’? Wat bedoelt hij? Is het een symbolisch getal? Dat moet wel, want meestal zijn getallen in de heilige Schrift dragers van een boodschap. Het aantal van tweeënzeventig staat alleen hier en nergens anders. Dus kan het haast niet anders, of er moet iets aan de hand zijn.

Volgens de meeste commentaren zou in dit evangelie staan dat Jezus ook ‘anderen’ uitzendt. Dus naast de Twaalf, óók de ‘Tweeënzeventig’. Als dit klopt kom je op vierentachtig, op zeven maal twaalf, op de volmaaktheid ten top. Immers, zeven komt van de zeven planeten die – naar men wist – de hemel doorkruisen langs hun eigen baan. Ook nam men aan dat er rond de aarde zeven koepels waren. Eveneens ontstond de schepping in zeven dagen. En daarnaast stond de maan vanwege haar ‘dertigdagen cyclus' symbool voor ‘vruchtbaarheid’ en de zon symbool voor de seizoenen van zaaien en oogsten. En zo bezien zou twaalf het aantal volle manen in een heel jaar zijn en dat betekent: ‘perfectie’, het is perfect.

Echter, het evangelie lees ik anders, omdat er geen twaalf apostelen worden genoemd. Het is een voortzetting van het evangelie van vorige week zondag en dat handelt over het volgen van de Mensenzoon. Dus staat er dat Hij tweeënzeventig leerlingen uitzond, en dat is zes keer ‘twaalf’. Nu kan twaalf ook staan voor de twaalf stammen van Israël, alsook voor de Mensenzoon, want destijds dacht men dat in de eindtijd de Messias – bij zijn wederkomst – vergezeld wordt door twaalf engelen die de twaalf stammen van Israël moeten verenigen. Die typeren dan als ‘twaalf leerlingen’ de Mensenzoon. Vandaar ‘zes keer dit perfecte aantal’! Dat is meer dan genoeg, zou je zeggen. Maar zes is zeven min één en staat voor de ‘aangetaste volheid’, voor onvolmaaktheid. Dus betekent zes maal ‘het perfecte’, zes maal ‘meer dan genoeg leerlingen’. Dat is minder dan zeven, dus toch nog te weinig! Met andere woorden, Jezus heeft te weinig leerlingen voor het verspreiden van de Blijde Boodschap. En dat klopt weer met wat Jezus vandaag zegt: “De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig!”

De mensen hunkeren naar bemoediging, troost en genezende handen, naar aandacht en tekenen van Gods barmhartigheid. Echter, de wereld heeft onvoldoende mensen om te delen, te troosten en te vergeven. Dus stuurt Jezus tweeënzeventig leerlingen met zijn goddelijke, helende boodschap. Maar dat is onvoldoende! Dus vraagt Hij ons – indirect – om mee te doen, want men wacht op ons.

Weet u, gister zag ik in de supermarkt een jong gezin met drie kinderen. Pa droeg de jongste die ineens begon te huilen. Waarom weet ik niet. Was hij geschrokken van mij? Was hij moe of hongerig? Hij strekte zijn armpjes naar zijn moeder die hem haast automatisch overnam. Onmiddellijk was hij tevreden en werd hij stil. Ze had niets gezegd, hem niet gewiegd, niet geneuried. Was het haar geur? De kleine herijkte zich aan de bron van zijn leven, aan zijn moeder! En onwillekeurig dacht ik aan Jesaja die in de eerste lezing God schetst als een moeder die haar kind troost en terugbrengt bij zijn oorsprong. Wat moet dat destijds een fantastisch idee zijn geweest, omdat men God toen meestal zag als een zwijgende, trotse, strenge Vader. 

Jezus’ leerlingen moeten het volk weer bij hun oorsprong brengen, want de liefde komt van God, is God, komt dus zowel van een Vader als een Moeder met hoofletters, die het kind neemt zoals het is en geen onnodige eisen stelt. Het mag stinken en schreeuwen, want Hij of Zij is er voor het kind. Hoe meer gebreken het heeft, hoe meer Hij of Zij er is. Juist aan deze Bron vinden we onszelf terug, vinden we genezing, vergeving en troost. Om daarover te vertellen, om dat zichtbaar te maken met een leven naar zijn geest, zendt Jezus leerlingen uit. Zij keren helemaal in de wolken – trots en blij – terug, want overal waar zij kwamen, werd men opgebeurd en ten goede gekeerd. Jammer alleen dat het er tweeënzeventig waren. Dat is niet genoeg! Zullen wij daarom meedoen?

Misschien doet u het al. Dus laten we ermee doorgaan. En ook al zijn we met ‘te weinig’, we zijn met veel, met tweeënzeventig. Amen.

Pastor Rob Winkelhuis

Preek 20e zondag. Luc. 12, 49-53. De 'niet-begrepen' liefde.
14 augustus 2022
Preek 19e zondag. Hebr. 11, 1-19. Vaste grond van wat wij hopen.
10 augustus 2022
Preek 18e zondag. Pred. 2, 21-23. Alles is ijdelheid.
30 juli 2022
Preek 17e zondag. Gen. 18, 20-32. Volharding in gebed.
24 juli 2022
Preek 16e zondag. Luc. 10, 38-42. Vanuit het ene naar het vele.
17 juli 2022
Preek 15e zondag. Luc. 10, 25-37. De barmhartige Samaritaan.
11 juli 2022
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen