MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 33e zondag door het jaar: Mat. 25, 14-30. De Wet van de Gave.

15 november 2020

We stellen veel hoop en vertrouwen in de wetenschap, zoals de medische wetenschap, de natuurwetenschap, de psychologie en de economie. En dat is een goede zaak. De Kerk heeft steeds de ontwikkeling van de wetenschap gestimuleerd. Wetenschappers hebben veel wetmatigheden ontdekt. Denk bijvoorbeeld aan de natuurwetten, zoals de wet van de zwaartekracht en de wet van behoud van energie. Ook andere wetenschappen kennen wetmatigheden, zoals de economie. Een wet die ik van mijn economiestudie herinner is de ‘Wet van Engel’, genoemd naar een Duitse econoom. Die wet zegt, dat naarmate je inkomen stijgt, je procentueel minder uitgeeft aan voeding en andere noodzakelijke producten.

Zo heeft de wetenschap op allerlei terreinen velerlei wetmatigheden ontdekt. Al die wetten beschrijven hoe zaken zich tot elkaar verhouden. Je zou het niet verwachten, maar zo zijn er ook wetten die gelden in de geestelijke wereld, in de godsdienstige sfeer. Die wetten zijn weliswaar anders dan natuurwetten – je kunt ze niet in mooie formules beschrijven – maar ze zijn er wel. Vele mystieke denkers en schrijvers hebben getracht deze geestelijke wetmatigheden te onderzoeken en beschrijven. Dat is bepaald niet eenvoudig, vandaar dat hun teksten soms moeilijk te doorgronden zijn.

Het evangelie van vandaag, de parabel over de talenten, geeft ons een inkijk in allicht de meest fundamentele geestelijke wet die er is. Die ‘wet’ is, zoals paus Johannes Paulus II het noemt, de ‘Wet van de Gave’. Je kunt deze wet als volgt beschrijven: je leven in God neemt toe in de mate dat je je leven weggeeft. Hoe meer je je leven ziet als een gift voor een ander, hoe meer het goddelijk leven in je groeit. Deze wet zegt hoe God, jezelf en je naaste zich tot elkaar verhouden. De wet is gefundeerd op God zelf, wiens wezen het is om te geven. God is pure zelfgave. De liefde en genade die je van God ontvangt is niet om te hebben, maar om (door) te geven. Gods genade ontvangen betekent dat je het moet weggeven, anders kun je het niet ontvangen, hoe paradoxaal dat ook klinkt.

Adam en Eva laten zien hoe deze wet functioneert. Het eten van de verboden vrucht wil uitdrukken dat de mens niet geschapen is om te nemen, maar om te geven en wel in de mate dat je ontvangen hebt. Dat is wat het betekent om beeld en gelijkenis te zijn van God. De oerfout van Adam en Eva is dat zij zich het goddelijk leven toe-eigenen, als ware het een bezit. De Wet van de Gave werkt hier contraproductief: door je het goddelijke toe te eigenen groeit het leven niet in je, maar verlies je het en eindig je buiten het paradijs. Door tegen deze wet in te gaan hebben Adam en Eva zichzelf buiten spel gezet.

Jezus legt deze wet uit aan de hand van de parabel van de talenten. Als je je van God ontvangen talenten in de grond stopt, en dus toe-eigent als bezit, dan houd je niets over. Maar als je ze weggeeft door anderen erin te laten delen, dan ontvang je het veelvoudige terug. Dan groeit het goddelijk leven in je. Gods liefde en genade ontvangen wij om te delen en te geven. Als je ze voor jezelf houdt en niet deelt met anderen, dan eindig je met lege handen en leef je in duisternis, zoals het evangelie zegt. God is je genadig, wees anderen dan ook genadig. Dan manifesteert zich in jou een stukje van de hemel.

Het bijzondere van deze parabel is dat Jezus kiest voor een setting uit de zakenwereld. Talenten waren in die tijd grote sommen geld. Zij die de talenten gegeven worden gaan het geld investeren en behalen zo een bepaald rendement. Investeringen en rendementen brengen, zoals we weten, altijd risico’s met zich mee. Zie dat eens door een geestelijke bril. Deze parabel zegt ons dat de Wet van de Gave een risico met zich meebrengt, en wel dat het goede dat je doet voor een ander wel eens niets kan opleveren. Hoe snel ben je dan teleurgesteld? Hoe snel haak je af zodra je denkt dat je inspanning voor een ander toch geen zin heeft? Jezus zegt ons dat alles wat wij in en uit liefde doen, in Gods ogen steeds rendeert! Dat rendement ontvangen wij misschien niet nu, maar allicht later of in een volgende generatie. Soms moet je voor een goed rendement geduld hebben.

Je liefde in de grond stoppen is per definitie verkeerd! Dat duist in tegen de Wet van de Gave. In de grond stoppen is verbergen, het tegenovergestelde van geven. Als je je leven wilt redden, zal je het verliezen; als je je leven verliest om Jezus’ wil, dan zal je het behouden, zegt Jezus (Luc. 9, 24). Dit is de belangrijkste wetmatigheid in het geestelijke leven. Durf uw leven te geven, dan groeit het goddelijke, eeuwige leven in u. Moge Gods Geest ons daartoe de moed en het vertrouwen schenken. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek 1e zondag v.d. advent (jaar B). Jes. 63, 16-19. Wederzijds verlangen.
29 november 2020
Preek hoogfeest Christus Koning. Mat. 25, 31-46. Een inclusief koningschap.
22 november 2020
Preek 32e zondag in jaar A: Mat. 25, 1-13. Het einde van je tijd.
8 november 2020
Preek hoogfeest Allerheiligen. Mat. 5, 1-12. Geroepen tot heiligheid.
1 november 2020
Preek 30e zondag in jaar A. Mat. 22, 34-40. Liefhebben wie God liefheeft.
25 oktober 2020
Preek 29e zondag in jaar A. Mat. 22, 15-21. Geef God wat God toekomt.
18 oktober 2020
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen