MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 3e zondag 40-dagentijd jaar B. Joh. 2, 13-25. De Tempelreiniging.

7 maart 2021

Als er iets is wat we in corona-tijd gedaan hebben, dan is het wel opruimen en klussen. De ouderen onder ons kennen nog wel de grote voorjaarsschoonmaak. Elk voorjaar werden huizen binnenste buiten gekeerd en van zolder tot kelder schoongemaakt. De veertigdagentijd is in zekere zin ook een grote schoonmaak, een tijd van opruimen, geestelijk verstaan. Daarom lezen we in deze periode altijd het verhaal van de Tempelreiniging. De Tempel was en is voor joden de meest heilige plek. In de Tempel komen hemel en aarde samen, God en mens ontmoeten elkaar op die plek. De eerste Tempel was versierd met allerlei beeltenissen van bomen en planten, een verwijzing naar de Tuin van Eden. De Tempel moest de droom en het ideaal van het paradijs onder het joodse volk levend houden.

Wat als juist die plek een beursgebouw wordt, een plek van handel en winst? Het draait dan niet meer om goddelijke zaken, maar om louter menselijke zaken. Daardoor verliest de Tempel zijn unieke functie van het samenbrengen van hemel en aarde. Het is precies om die reden dat Jezus zich hier van een geheel andere kant laat zien. Als een maniak jaagt Hij met een zweep de handelaren weg en gooit Hij de tafels met het geld omver. Jezus houdt grote schoonmaak in het huis van zijn Vader en jaagt weg wat er niet moet zijn.

Die Tempelreiniging is nog steeds actueel. En dan heb ik het niet over een fysiek gebouw in Jeruzalem of een andere plek, maar over ons eigen lichaam en ons eigen leven. De kerkvaders gebruiken het beeld van de mens als de Tempel van de Geest. U kent die uitdrukking ongetwijfeld. De mens is een universum in het klein, alwaar Gods geschapen werkelijkheid (hemel én aarde) samenkomen. Als we een overledene uitdragen uit de kerk, dan bewieroken we altijd het lichaam van de overledene tijdens de absoute. Dat is een symbolische handeling die in feite de Tempelreiniging in herinnering roept. We bidden dat de overledene als een gezuiverde Tempel God tegemoet mag gaan. Het is echter niet de bedoeling dat we met die innerlijke reiniging wachten tot we gestorven zijn. We zijn geroepen dit elk jaar te doen in aanloop tot Pasen, als ware het een geestelijke grote schoonmaak.

De Veertigdagentijd is de tijd waarin je jezelf mag afvragen: ben ik, in wie ik ben en wat ik doe, een plek waar God zich zou thuis voelen? Sta ik nog steeds op het snijvlak tussen hemel en aarde of ben ik doorgeslagen naar één kant, of dit nu het aardse of het hemelse is. Teveel op het aardse gericht is niet goed, net zo min als je teveel op het hemelse bent gericht (herinner u de woorden van de engel na Hemelvaart: “Wat staat gij naar de hemel te staren?” - Hand. 1, 11). De vraag is dan: hoe zuiver ik mijn lichaam en mijn geest, zodat God zich er thuis kan voelen? Wat is de zweep om de Tempel die ik ben schoon te vegen? Het antwoord ligt in de eerste lezing van vandaag: de tien geboden (Ex. 20, 1-17). De tien geboden zijn als een zweep met tien knopen. En ja, de klap van een zweep doet zeer. De tien geboden zijn niet bedoeld als leuk en aardig en dat doen we wel eventjes. Nee, die geboden zijn soms hard en pijnlijk. Je van zonde afkeren betekent je in een andere rompstand zetten. Het is niet de bekering of omkering die pijn doet, maar de zonde die je verstijfd heeft.

Ik blijf even bij dat beeld van de zweep met tien knopen, verwijzend naar de tien geboden. Het eerste gebod is de knoop aan het uiteinde van de zweep. Die komt het hardst aan. Dat is het gebod om geen afgoden te aanbidden. Waarom is dit gebod zo belangrijk? Afgoderij is iets tot God maken wat niet God is. We aanbidden en koesteren aardse zaken, en zoeken ons heil erin, die niet God zijn. Al die afgoden kunnen je diepste, innerlijke, geestelijke honger niet stillen. Ze werken contraproductief en verslavend en ervan loskomen doet pijn. De knoop van het eerste gebod zit niet voor niets aan het einde van de zweep. Die klap voel je het hardst.

Zo kun je alle geboden nalopen. Voel je de klappen van de geestelijke zweep? De Tempelreiniging is een daad uit liefde en genade, maar wel één die je voelt. Wees er niet bang voor, want God staat je bij. Hij heeft jouw en uw heil voor ogen. Moge de Veertigdagentijd een gezegende tijd zijn, waarin wij, door Christus gezuiverd, kunnen opgaan naar Pasen. En moge Gods Geest onze samenleving zuiveren van discriminatie, antisemitisme, racisme, religieuze haat en alles wat onze geest zo bevuilt. Door Christus, onze Heer.

Diaken Franck Baggen

Preek 1e Paasdag. Marc. 16, 1-7. Nieuwe mensen in een nieuwe wereld.
4 april 2021
Preek Witte Donderdag 2021
2 april 2021
Preek 5e zondag 40-dagentijd (jaar B). Joh.12, 20-33. Spiritualiteit van beneden.
21 maart 2021
Preek 4e zondag 40-dagentijd jaar B. 2 Kron. 36, 14-23. Hoe om te gaan met rampen?
14 maart 2021
Preek 1e zondag 40-dagentijd jaar B. Marc. 1, 12-15. Tussen wilde dieren en engelen.
21 februari 2021
Preek 6e zondag in jaar B. Marc. 1, 40-45. Ik wil, word rein.
14 februari 2021
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen