MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 4e zondag 40-dagentijd jaar B. 2 Kron. 36, 14-23. Hoe om te gaan met rampen?

14 maart 2021

In deze tijd van crisis en pandemie zoeken velen naar verklaringen en betekenissen. Hoe heeft het zover kunnen komen? Waar hebben we dit aan te danken? Al snel werd er met de beschuldigende vinger gewezen naar China. Bepaalde christenen zeggen dat het een straf van God is. En weer anderen, vaak door geen enkele kennis gehinderd, kwamen op de proppen met allerhande complottheorieën. Zo zoeken we allemaal naar een betekenis.

Dat is iets van alle tijden. In de Bijbel kom je ook veel rampspoed tegen, zoals oorlogen, natuurrampen, hongersnood en ziektes. En ook in de Bijbel gaat men op zoek naar verklaringen en betekenissen. Een voorbeeld daarvan horen we vandaag in de eerste lezing uit het tweede boek Kronieken. Kronieken gaan, het naam zegt het al, over de geschiedenis van het volk Israël, in bijzonder over de (vaak weerbarstige) relatie tussen God en het volk Israël. Vandaag horen we dat Jeruzalem en de Tempel zijn verwoest door de legers van de koning van de Chaldeeën. Deze verwoesting is met stip de grootste ramp in de Bijbelse geschiedenis. Ook hier zoekt men naar verklaringen en men komt uit bij de profeet Jeremia, die zegt dat het volk dit te danken heeft aan hun jarenlange ontrouw aan de bepalingen van het Verbond.

Het is interessant om te zien hoe in de Bijbel crises worden geïnterpreteerd. Als het gaat om hoe men rampspoed interpreteert, lopen er twee lijnen door de Bijbel. De eerste lijn is de lijn waarlangs men zegt dat grote rampen het gevolg zijn van ontrouw aan het Verbond. Waarom gaat het een mens slecht? Simpel: omdat men zich niet houdt aan de bepalingen van het Verbond. Als je niet leeft volgens de bepalingen van het Verbond, dan moet je niet verbaasd zijn dat God een corrigerende tik uitdeelt! Vele profeten leggen dit verband en we horen dit ook in de eerste lezing vandaag. Naast deze lijn ontspringt er een tweede lijn van interpretatie, en wel vanuit het boek Job. Job is een rechtvaardig en wetsgetrouw man die zich altijd keurig aan het Verbond heeft gehouden. Toch wordt hij door rampspoed getroffen. Deze lijn bevraagt in feite de lijn die er vanuit het Verbond wordt gelegd. Dit is de lijn waarlangs ook psalmen als 22, 44 en 73 liggen. Het is de lijn van het onschuldige lijden.

Beide lijnen komen samen in de persoon van Jezus. De lijn vanuit het Verbond, die zegt dat rampspoed het gevolg is van ontrouw aan de Wet, loopt vast bij Jezus. Paulus zegt in de Galatenbrief: “Christus heeft ons bevrijd van de vloek van de Wet door zelf voor ons een vloek te worden.” (Gal. 3, 13). Jezus spreekt vergelijkbare woorden in het evangelie vandaag: “God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te oordelen, maar opdat de wereld door Hem zou worden gered.” (Joh. 3, 17). De andere lijn, die van het onschuldige lijden, komt ook uit bij Jezus. Hij is hét voorbeeld van onschuldig lijden. Jezus laat dat ook blijken als Hij bijvoorbeeld in diepe angst bidt in de Hof van Olijven, kort voor zijn arrestatie en kruisiging. Of denk aan zijn tranen als Hij hoort van de dood van zijn vriend Lazarus. De mens geworden God toont zich hier van een heel menselijke kant. De lijn van het onschuldig lijden komt uit op Goede Vrijdag en de doodskreet van Jezus aan het kruis.

In Jezus ontstaat er in feite een geheel nieuwe lijn. Ik maak even een uitstapje naar het verhaal over de genezing van de blindgeboren man in Johannes 9. De leerlingen vragen Jezus of deze man blind is vanwege zijn zonden (een duidelijke hint op de lijn vanuit het Verbond). Jezus antwoordt dat dit niet het geval is, maar dat “de werken Gods in hem openbaar moeten worden”. Hier begint duidelijk iets nieuws! Schuldigen aanwijzen en complottheorieën verzinnen heeft geen nut, net zo min om verbanden te leggen met het Verbond. Dit wordt treffend geïllustreerd in het boek Handelingen. Aan het einde van hoofdstuk 11 horen we van ene Agabus, die, door de Heilige Geest geleid, aankondigt dat er een grote hongersnood gaat uitbreken. Voor die tijd, zoals ook nu, een enorme ramp. De leerlingen van Jezus raken niet in paniek. Ze denken niet meer in de oude lijnen van het Verbond, zo van: wat hebben we nu weer verkeerd gedaan? Evenmin kruipen ze in een hoek uit angst of zelfmedelijden of verzinnen een complottheorie. Nee, nuchter en adequaat besluiten ze hulp te bieden. Wat is er aan de hand? Hoe kunnen wij helpen? Wie zullen we zenden?

In de kracht van de Heilige Geest zoeken de leerlingen naar mogelijkheden om te helpen en de last te verlichten. De Kerk heeft sindsdien niets anders gedaan. Bij grote rampen, wanneer menigeen op de vlucht sloeg, waren het de christenen die bleven en hielpen. God openbaart zich in de hand van de hulpvrager én van de hulpverlener. Tussen hen is de Geest werkzaam als Trooster en Helper. In hoe wij als christenen anderen bijstaan en helpen, hen steunen, met slachtoffers meelijden, in hoe wij bidden voor de noden van de wereld, daarin laten wij iets zien van Gods Koninkrijk. Het is niet christelijk om met de beschuldigende vinger naar anderen te wijzen. Het is ook niet erg christelijk om met complottheorieën op de proppen te komen. Het is wel christelijk om hulp te bieden, op wat voor manier ook, zoals de eerste leerlingen deden en de Kerk sindsdien altijd gedaan heeft. Die roeping geldt nog steeds voor ons in deze tijd. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek 1e Paasdag. Marc. 16, 1-7. Nieuwe mensen in een nieuwe wereld.
4 april 2021
Preek Witte Donderdag 2021
2 april 2021
Preek 5e zondag 40-dagentijd (jaar B). Joh.12, 20-33. Spiritualiteit van beneden.
21 maart 2021
Preek 3e zondag 40-dagentijd jaar B. Joh. 2, 13-25. De Tempelreiniging.
7 maart 2021
Preek 1e zondag 40-dagentijd jaar B. Marc. 1, 12-15. Tussen wilde dieren en engelen.
21 februari 2021
Preek 6e zondag in jaar B. Marc. 1, 40-45. Ik wil, word rein.
14 februari 2021
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen