MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek 4e zondag na Pasen. Joh. 10, 11-18. De Goede Herder. Over geroepen worden. 

25 april 2021

Vandaag, de vierde zondag na Pasen, is traditioneel altijd de zondag die in het teken staat van roeping. We noemen deze zondag ‘Roepingenzondag’. Het begrip roeping wordt vaak vernauwd tot roeping voor het priesterschap. Zeker, we hebben als Kerk nood aan priesters. Blijft u daar alstublieft voor bidden! Echter, aan elke roeping – of het nu gaat om roeping voor priesters, diakens, pastoraal werkers, huwelijken, religieus leven, enzovoort – gaat de roeping tot geloof vooraf. En het is die roeping die ons allemaal aangaat.

We komen hier samen omdat we die roeping tot geloof hebben ervaren. Anders zat u hier niet. Dit is bij uitstek de dag om eens terug te keren naar het moment dat u die roeping voor het eerst heeft ervaren. Ons geloof heeft de neiging om op de automatische piloot over te schakelen. Geloof kan ook een worsteling worden of iets dat niet meer prikkelt. Vele zeggen ‘dat ze katholiek zijn’, maar wat dat concreet betekent is vaak onduidelijk.

Terug gaan naar dat moment van roeping kan verhelderend zijn. Voor velen is dat geen pats-boem moment geweest. Het is er gaandeweg gegroeid. Of je hebt het onbewust van je ouders overgenomen. Toch is er een moment, of zijn er meerdere momenten geweest, waarop het geloof echt voor je ging leven. Een moment waarop je besloot: ik ga het christelijk geloof en de christelijke waarden een plek geven in mijn leven; ik ga proberen iets van de Bijbel te begrijpen; ik ga een deel van mijn kostbare tijd besteden aan gebed; ik ga mij de moeite getroosten regelmatig naar de kerk te gaan; ik ga proberen iets voor mijn naaste te betekenen; enzovoort. Probeer dat moment weer in het heden te roepen.

Geestelijke denkers noemen dit ‘het zoeken van het centrum’. Wat staat er in het centrum van je leven? Dat kan van alles zijn: je geliefde, je kinderen, je vrienden, je hobby’s, je werk, enzovoort. Geestelijk gezien word je uitgedaagd om in het centrum in de allereerste plaats God te zien. Immers, zonder God geen geliefde, geen kinderen, geen vrienden, enzovoort. Als alles wat belangrijk is in je leven rond God draait, dan zal je merken dat je leven in balans is. Als dat niet zo is, dan is je leven een voortdurende zoektocht zonder ankerpunt. Denk aan het verhaal van Martha en Maria. Martha is druk met veel dingen, terwijl Maria aan de voeten van de Heer zit. Vanuit het vele tot het ene komen is zeer lastig (Martha), maar vanuit het ene tot het vele eenvoudig (Maria). Dat is waar het in roeping om draait. Wie staat er in het centrum van mijn leven en mijn hele wezen?

Op deze vierde zondag van de Paastijd lezen we altijd het evangelie over Jezus die Zichzelf de ‘Goede Herder’ noemt. Deze dag werd door het Tweede Vaticaanse Concilie ingesteld als Roepingenzondag. Wat beter kun je plaatsen in het centrum van je wezen dan Christus die de Goede Herder is? Elke roeping begint hiermee, of het nu de roeping tot het priesterschap is, het diaconaat, het religieuze leven, het huwelijk, ja zelfs de roeping tot het werk dat je doet. Als God, mens geworden in Christus, daarvan niet het centrum is, dan zal je roeping geen vrucht dragen. Dan gaat het alleen maar om je ego, om wat jij wilt en belangrijk vindt. Dan is je leven een concentrische, alles opslokkende kolk met een zwart gat in het midden waarin alles verdwijnt. Met Christus in het centrum ben je een excentrische sterrenstelsel en zal je stralen voor de wereld om je heen.

Laat ik dat illustreren aan de hand van een anekdote. Een jongeman had grote ambities. Hij wilde in de schijnwerpers staan, op een belangrijke en invloedrijke positie in politiek of bedrijfsleven. Om dit te bereiken had hij iemand nodig die zijn kruiwagen kon zijn, iemand met goede connecties die hem op het juiste pad kon zetten. Zo kwam hij in contact met een oudere, wijze man die hoog in aanzien stond en die bekend stond om de vele contacten die hij had, met name in hogere kringen. Echter, in plaats van een hoge positie bood de man hem een functie aan als onderwijzer op een middelbare school ergens in het land. De jongeman voelde zich niet serieus genomen. Een onderwijzer? Ik? Met mijn ambities en talenten? Wie zal mij dan kennen? “Wel”, zei de oude man, “in ieder geval je leerlingen, je vrienden, je familie… én God. Voorwaar, geen slecht publiek!”

Roeping draait niet om je ego, je aanzien, je prestaties, je positie. Roeping draait om God en wat Hij wilt. Als je dat ontdekt en God de plek in de regisseursstoel van je leven gunt, dan leid je een heilig leven. Dat is niet een leven in de menselijke schijnwerpers, maar in de goddelijke. Daarom zien we rond heiligen altijd een aureool. Dat aureool zie je alleen met gelovige ogen. Heiligen zijn geen mensen van aanzien in de maatschappij, maar van aanzien bij God. Ga daarom eens terug naar het moment waarop je Gods roepstem gewaar werd. Waartoe riep Hij je? Moge het antwoord op die vraag richting geven aan de levens van ieder van ons. Het is de weg tot heiligheid. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek 12e zondag. Marc. 4, 35-41. De slapende Jezus.
20 juni 2021
Preek 11e zondag. Marc. 4, 26-34. Het principe van het mosterdzaadje.
13 juni 2021
Preek Sacramentsdag 2021. De kracht van Gods Woord.
6 juni 2021
Preek Hoogfeest van de Heilige Drie-Eenheid 2021
30 mei 2021
Preek Hoogfeest van Pinksteren 2021
23 mei 2021
Preek 7e zondag na Pasen. 1 Joh. 4, 11-16. God woont in de liefde.
16 mei 2021
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen