MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek op het hoogfeest van Pinksteren 2020

31 mei 2020

Vorige week vierden we wezenzondag. Dat is de zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren. We noemen die zondag wezenzondag omdat de leerlingen van Jezus na zijn Hemelvaart ‘verweesd’ achterblijven. Wel zijn zij in afwachting van de komst van de Geest, die Jezus beloofd had. Vandaag, met Pinksteren, gedenken en vieren we dat God woord houdt. God laat de leerlingen niet verweesd achter, maar hij stuurt ze inderdaad de Geest. Volgende week zullen we, met het Hoogfeest van de Drie-Eenheid zien dat als God zijn Geest stuurt, Hij zelf komt. De drie personen van de Drie-eenheid hebben alle drie zo hun eigen taak, maar ze doen nooit iets zonder elkaar. God is immers één en niet drie. Het is dus God zelf die naar de leerlingen toekomt, niet alleen in de menswording van zijn Zoon, maar als hij de Geest zendt.

Zoals gezegd: de drie personen van de Drie-eenheid doen niets zonder elkaar, maar ze hebben ook hun eigen rol. Wat is dan de eigen rol van de Geest? Voor een antwoord op die vraag kunnen we het best te rade gaan bij het Bijbelboek Handelingen van de Apostelen. In tegenstelling tot wat de titel van dit boek suggereert zijn niet de apostelen de hoofdpersoon. Nee, de hoofdpersoon van dit boek is de Heilige Geest. Als deze eenmaal op de leerlingen is neergedaald, zoals we vandaag in de eerste lezing hoorden, dan gaat hij in en door de leerlingen zijn werk verrichten. De leerlingen zijn hier slechts instrument. In het werk van de Geest kunnen we iets herkennen van zijn rol. Je zou, wat algemeen geformuleerd, kunnen zeggen dat Hij het werk, dat Jezus tijdens zijn aardse leven begonnen is, voortzet: feitelijk doen de leerlingen niet veel anders dan wat Jezus gedaan had. Maar dit doen zij niet uit eigen kracht, het is de Geest die dit in hen bewerkt. Zij getuigen en genezen. En aldoende wordt de kerk opgebouwd doordat steeds meer mensen, joden zowel als heidenen zich bij haar aansluiten.

De Geest zorgt er dus voor dat wat de leerlingen doen steeds geënt blijft op het voorbeeld dat Jezus heeft gegeven. Niet voor niets had Jezus zelf gezegd: “Ik zal u de Helper sturen die u alles in herinnering zal roepen”. De Geest legt dus een band tussen wat de leerlingen doen, en wat God wil doen. Hij is een garantie voor de ‘waarheid’ van wat de leerlingen prediken en van waaruit zij leven: de waarheid die Christus zelf is. Maar de Geest doet ook iets tussen mensen onderling. De Kerk die van lieverlee ontstaat, kent meteen vanaf het begin ook spanningen, die te maken hebben met leer en leven. Ook om hiermee om te gaan wordt een beroep gedaan op de Geest. Denk bijvoorbeeld aan het apostel-concilie in Jeruzalem, waar de vraag op tafel ligt of de heidenen zich ook aan de wet moeten houden, net als de joden. In de Geest komt men tot een antwoord. Daar waar mensen binnen de gemeenschap van de Kerk dreigen te vervreemden van elkaar, komt Hij te hulp en probeert bruggen te slaan. Kortom, de Geest wordt door God de Vader en de Zoon gezonden om niet alleen de eenheid tussen God en mens, en dus de waarheid, maar ook die tussen mensen onderling te ondersteunen. Eenheid en waarheid: het zijn belangrijke waarden die onderstrepen wat de rol van de Geest vanaf het begin was en nog steeds is.

In dit verband is het goed erop te wijzen dat de Geest een persoon is: één van de personen van de Drie-Eenheid. Als we bidden, kunnen we dus ook tot Hem bidden. Zoals we bidden tot God de Vader of tot God de Zoon, kunnen we ook bidden tot de Geest. In deze viering hebben we een aantal liederen opgenomen die precies dat doen: bidden tot de Geest. “Kom schepper Geest daal tot ons neer”. We spreken de Geest aan, zoals ook in het lied “Veni sancte Spiritus”. Als we als christenen, individueel of als gemeenschap, een zorg hebben rond zaken die te maken hebben met de waarheid en de eenheid, dan kunnen we onze toevlucht nemen tot de Geest. Trouwens, niet alleen als we een zorg hebben, ook als we onze dankbaarheid of onze vreugde zouden willen uiten. Hoe heerlijk is het te mogen weten dat Jezus voor ons de weg, de waarheid en het leven is! Daar waar er zoveel onzekerheid is in deze wereld mogen we ons aan Hem vasthouden als een vast baken. Hoe heerlijk is het, ook al is het soms moeizaam, te mogen ervaren dat we als christenen deel mogen uitmaken van die grote familie wereldwijd, als broeders en zusters van elkaar, met God als onze éne Vader.

Uiteraard blijft dit laatste ook altijd een opdracht: te blijven werken aan de eenheid, te beginnen in Gods kerk. Jezus heeft er zelf vurig voor gebeden na het laatste avondmaal, in de Hof van Getsemane, vlak voordat hij gevangengenomen wordt en de leerlingen uit elkaar vluchten. Jezus weg, eenheid weg, zo lijkt het. Ook in onze dagen staat de eenheid voortdurend onder druk, in de kerk maar ook in de wereld. Juist in het overbruggen van verschillen tussen mensen, in het klein en in het groot, ligt een belangrijke taak van de kerk als gemeenschap van gelovigen weggelegd. Te beginnen vanaf het moment dat de Geest over de leerlingen neerdaalde en zij begonnen te spreken in een taal die iedereen verstond, zo is door de eeuwen heen de Geest aan het werk geweest om mensen van allerlei verschillende talen en culturen rond de ene Heer te verzamelen tot een eenheid in verscheidenheid. Naar het voorbeeld van God zelf: Vader, Zoon en Geest hebben verschillende rollen maar doe níets zonder elkaar: ondanks hun verscheidenheid blijven zij een eenheid.

De inzet van christenen voor deze eenheid in verscheidenheid heeft door de eeuwen heen wisselend succes gehad: de balans tussen de eenheid en de waarheid is in sommige episoden van de geschiedenis te ver doorgeslagen naar de waarheid, waarbij dan vaak het eigen gelijk tot dat van Christus werd verheven en mensen, die dat gelijk niet deelden, werden weggezet. Net zoals in een streven naar eenheid de waarheid soms werd vergeten, en de liefde elk getuigenis onmogelijk maakte uit angst de ander tegen het hoofd te stoten. Waarheid en eenheid, het zij nog maar eens gezegd, hebben elkaar nodig, als de twee zwaartepunten van het ovaal dat de kerk is. Het zijn deze beide zwaartepunten waar de Geest pal voor staat: juist met het oog op inzet voor deze beide waarden is onze de Geest gegeven.

Als een christen, gegrepen door de Geest, die wij hebben mogen ontvangen in het sacrament van het vormsel, worden wij geroepen beide aspecten in ons leven een plek te geven en er ons voor in te zetten. We bidden in deze viering dat de kerk en de wereld beide aspecten met elkaar met elkaar zal weten blijven te verbinden, wetend dat de waarheid die Christus is ons roept de ander met eenzelfde liefde lief te hebben als waarmee Hij ons liefheeft, opdat in en door deze liefde de eenheid onder christenen groeien mag tot getuigenis van Gods liefde. In kracht van Gods Geest en door Christus, onze Heer. Amen.

Pastoor Tjeerd Visser

Preek 19e zondag in jaar A. Mat. 14, 22-33. Lopen over de vloeibaarheid van het leven.
9 augustus 2020
Preek 17e zondag in jaar A. Rom. 8, 28-30. In Christus voor God gerechtvaardigd.
26 juli 2020
Preek 14e zondag in jaar A. Zach. 9, 9-10. “Hij rijdt op een ezel”.
5 juli 2020
Preek 12e zondag in jaar A. Jer. 20, 10-13. "Mijn achtervolgers vallen neer."
21 juni 2020
Preek Sacramentsdag 2020. Joh. 6, 51-58. “Mijn Lichaam is echt vlees.”
14 juni 2020
Preek Hoogfeest van Heilige Drie-Eenheid 2020
7 juni 2020
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen