MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek hoogfeest Christus Koning. Mat. 25, 31-46. De minste van zijn broeders.

26 november 2023

U weet dat ik vaak over de liefde preek. Liefde is hét criterium van alle criteria. Liefde is waar het in het christendom om draait, simpelweg omdat God liefde is. We sluiten vandaag het kerkelijk jaar af met het hoogfeest van Christus Koning. We lezen in Mat. 25 de beroemde woorden van Jezus over wat je doet voor de minste van zijn broeders.

Dit is het slot van de laatste grote redevoering van Jezus in het Matteus-evangelie. Hierna begint zijn lijdensweg. In de Willibrord-vertaling van de Bijbel staat als kopje boven deze redevoering ‘Het laatste oordeel’. Dat klinkt onheilspellend en dat is het ook, maar tegelijkertijd ook weer niet. Dit oordeel draait volledig om de liefde. Sterker: het is een liefdesoordeel. Het is als met een crisis in een liefdesrelatie. Dat komt neer op die ultieme vraag: houd je nog van me of niet? Zo ja, dan is de relatie gered; zo nee, dat eindigt de relatie. Zo is het ook hier. Iedereen die met Jezus is opgetrokken tot en met zijn lijdensweg (dat een diepe crisis in de relatie met Jezus inhoudt) wordt de vraag gesteld: houd je van Hem of niet? Dit wordt uitgedrukt met het scheiden van de schapen en de bokken.

Wat doet Jezus echter? Hij projecteert die vraag niet op Hemzelf, maar op de minste van zijn broeders en zusters. Van Christus houden komt uiteindelijk neer op de vraag of je de minste van zijn broeders en zusters hebt geholpen in hun nood of niet. Toen we twee weken geleden het evangelie lazen over de gelijkenis van de domme en verstandige bruismeisjes sprak ik over kerkelijk narcisme, kerkelijke zelfliefde. Ben je een christen en denk je dan alleen aan jezelf? Dan is het lastig een christen te zijn. Een ik-gerichte christen is een contradictio in terminis. Een christen zet zichzelf niet centraal, maar de ander, in wie hij of zij de Christus herkent. Christen-zijn gaat om zelfverloochening.

Liefde is wederkerige onbaatzuchtigheid. Christendom is medemenselijkheid, voor de ander, omwille van de ander. Theologie wordt sociologie. Zoals Jezus groot geloof vindt buiten zijn Volk (de Romeinse honderdman, de Kanaänitische vrouw) en niet-Judeeërs als voorbeeld stelt voor medemenselijk handelen (de barmhartige Samaritaan), zo zijn het vaak de niet-christenen of de niet-gelovigen die ons tot voorbeeld strekken. Denk aan al die mensen die in de frontlinies van ellende en oorlog werken bij Amnesty International, het Rode Kruis, de Rode Halve Maan, bij Unicef, Artsen zonder Grenzen, enzovoort. Daar kunnen wij als christenen nog veel van leren. Echter, de bron van al die onbaatzuchtige liefde is niemand minder dan God in Christus. Hij is niet te zien in de hulpverlener, maar in de hulpvrager: in de naakte, de dorstige, de hongerige, de vreemdeling, de gevangene, de vluchteling, enzovoort. God vereenzelvigt zich met de zondebok en het slachtoffer.

Ik las een verhaal over de Duitse theoloog Friedrich von Bodelschwingh (1831-1910). Wat hij toen deed was iets nieuws. Hij stichtte een theologische opleiding voor predikanten, een protestants seminarie zal ik maar zeggen. Echter, hij stichtte dat seminarie niet in een statig universiteitsgebouw, maar in een verzorgingshuis voor mensen die leden aan epilepsie. Dominee worden had niet alleen te maken met theologie studeren, maar ook met de zorg voor mensen aan de onderkant van de samenleving. Als je daartoe niet in staat was, was je ongeschikt voor het ambt van predikant, was zijn stellige overtuiging.

In onze traditie worden priesters altijd eerst tot diaken gewijd. Diaconaat is het fundament van het priesterschap. Met diaconale ogen zie je Christus in de minste van zijn broeders en zusters. Pas al je Hem daarin ziet, kun je Hem zien in het Lichaam en Bloed van de eucharistie. Velen zeggen het omgekeerde, dat wie Christus ziet in Brood en Wijn, kan Hem zien in de medemens, maar dat gaat in tegen de woorden die Hij vandaag spreekt. Eerst wijst Hij op de minste van zijn broeders en pas later viert Hij het Laatste Avondmaal.

Zo is Christus Koning: als Hoofd en vooral als Dienaar, Hij die komt om te dienen en niet om gediend te worden. Dit zet ons aan het einde van het kerkelijk jaar op scherp, om in de Advent naar Hem uit te zien. Men zegt wel eens: Hij komt zoals Hij ging. Daarmee verwijst men naar zijn Hemelvaart, gezeten op de wolken. Zo zal Hij dan ook wederkeren. Ik durf te zeggen: Hij ging aan het kruis en zo komt Hij ook: in de mens die zijn en haar kruis moet dragen. Immers, we hebben hier geen wolkje aan de muur hangen, maar een kruis. Dat herinnert ons eraan dat er nog velen zijn die een kruis te dragen hebben. In hen mogen we de kruisdragende Christus zien. Zei Jezus niet dat als Hij wederkomt, Hij ons aan het werk wil zien? Dat werk is diaconie en daarmee is Advent een diaconale periode. Moge wij zo uitzien naar zijn komst als kwetsbaar Kind en als kwetsbare medemens. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek 1e zondag 40-dagentijd. Marc. 1, 12-15. Jezus en de duivel.
18 februari 2024
Preek 5e zondag. Marc. 1, 29-39. Genezing van schoonmoeders.
4 februari 2024
Preek 4e zondag. Marc. 1, 21-28. Jezus spreekt met gezag.
23 januari 2024
Preek 3e zondag. Marc. 1, 14-20. Vissers van mensen.
10 januari 2024
Preek 2e zondag. Joh. 1, 35-42. Zie het Lam Gods.
7 januari 2024
Preek Openbaring des Heren. Mat. 2, 1-12. Volg de ster.
2 januari 2024
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen