Deze preek begin ik met een stukje scheikunde. We hebben het vandaag in het evangelie over zout. Jezus noemt ons het ‘zout der aarde’. Wat nu zo interessant is aan zout, is dat het bestaat uit twee chemische elementen die, elk in geïsoleerde toestand, zeer gevaarlijk zijn. Ik heb het over natrium en chloor. Natrium is een element dat zeer snel reageert met andere elementen, zoals water en zuurstof. Het komt in zuivere vorm dan ook nauwelijks voor in de natuur. Omdat het zo snel met andere stoffen reageert, is het zeer gevaarlijk. Als bijvoorbeeld een klein beetje natrium in aanraking komt met water, dan kan het exploderen. Dat kan ik mij herinneren van de scheikundeproefjes die we op school deden. In laboratoria wordt dan ook steeds zeer voorzichtig en behoedzaam met natrium gewerkt.
Chloor is een zeer giftige stof. Als er bij een chemische fabriek chloorgas ontsnapt, dan rinkelen alle alarmbellen en moeten ramen en deuren gesloten worden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd chloorgas als wapen ingezet, met desastreuze gevolgen. Chloor staat ook in mijn geheugen gegrift, zij het heel wat onschuldiger. Mijn moeder gebruikte bij de schoonmaak van ons toilet altijd flink wat Glorix, een schoonmaakmiddel dat chloor bevat. Nadat ze het toilet had schoongemaakt, deed ze altijd wat Glorix in het water van het toilet. Als ik ging plassen en niet wist van het Glorix in het water, raakte ik altijd een beetje bedwelmd van de scherpe chloordampen die dan uit de toiletpot omhoogstegen...
Breng natrium en chloor samen en er ontstaat natriumchloride, ofwel zout. Alle gevaarlijke eigenschappen die natrium en chloor als element hebben, zijn in verbinding met elkaar volledig verdwenen! Het wordt dan een ongevaarlijk product: zout. We gebruiken het dagelijks bij ons eten. Zo mogen we ook naar ons geloof kijken. Verkeerde interpretaties van ons geloof, waarbij elementen uit ons geloof worden geïsoleerd, leiden tot gevaarlijke en explosieve situaties! Kijk alleen al naar het antisemitisme dat eeuwenlang door het christelijke geloof werd gevoed. Ook zijn vele mensen op grond van geïsoleerde verzen uit de Bijbel, die volledig uit hun context zijn gerukt, op dwaalsporen gezet. Denk bijvoorbeeld aan het voorspellen van het einde der tijden. Zout der aarde zijn is goed, maar elementen uit zout isoleren is precies het tegenovergestelde.
Zout werd ook gebruikt als beeld voor de Wet en het Volk. Als je beide van elkaar scheidt, dan leidt dat tot ongewenste situaties. Hetzelfde geldt voor Jezus en zijn Kerk. Als je Jezus uit zijn Kerk isoleert, of de Kerk uit Jezus, dan kun je daarmee alle kanten op die je maar wilt. Van Jezus maak je een marionet of een vat met tijdloze wijsheden. Als je de Kerk isoleert van Jezus, dan maak je van de Kerk eenvoudig een machtsinstituut, een verkleedkast, een podium voor je ego of een goede bron van financiële inkomsten.
Bij licht geldt min of meer hetzelfde. Het licht dat wij van de zon ontvangen is mooi en nuttig, maar kan bij verkeerd gebruik gevaarlijk zijn. Als je bijvoorbeeld onbeschermd langdurig in de zon gaat liggen, dan kun je je, als gevolg van de ultraviolete straling, lelijk verbranden. Kortom, het gaat steeds om de gulden middenweg. Zo is het ook met geloof. Als je je aan de uiterste randen van het geloof gaat opstellen, leidt dat tot gevaarlijke of zeer onnutte situaties, waarmee niemand geholpen is, behalve wellicht alleen jezelf.
Gelovig in het leven staan heeft dus iets van een balanceer-act. Kun je werkelijk zout zijn zonder in geïsoleerde uitersten te vervallen? Indien zo, dan doe je als zout van de aarde je werk en ga je ook merken dat Gods zegen daarop rust. Voor licht geldt hetzelfde: Kun je iemand verlichting schenken, of ben je een licht die alleen maar schaduwen werpt? Om waarlijk zout en licht te kunnen zijn, is het dus belangrijk jezelf regelmatig te ijken aan de Heer. Daarvoor zijn deze vieringen bedoeld, vooral de eucharistieviering. In de eucharistie toont zich de Heer in Woord en Sacrament. Bovendien bouwt het op tot gemeenschap, tot een Kerk die innig verweven is met Jezus en die leeft en handelt naar zijn voorbeeld.
In de tweede lezing maakt Paulus duidelijk dat hij niet verkondigt om het verkondigen. Hij presenteert zich niet als theoloog of taalkunstenaar. De enige kennis die hij brengt is Jezus “namelijk Degene die gekruisigd is” (1 Kor. 2, 1-5). Ook hier weer twee elementen die niet los verkrijgbaar zijn: Jezus en het kruis. De gekruisigde Jezus is Hij die all-the-way is gegaan voor ons heil. Alleen deze Jezus is ons ware zout en licht aan Wie wij ons mogen ijken. Moge Hij ons zegenen op weg naar Pasen. Door Christus, onze Heer. Amen.
Diaken Franck Baggen